Artiest Vande Week Uitgekozen Door Jullie

Doe Maar

 

 

Doe Maar is opgericht door toetsenist-zanger Ernst Jansz (o.a. CCC Inc.) met bassist-zanger Piet Dekker, nadat ze samen eerder samenspeelden in de begeleidingsband van Boudewijn de Groot (1975[1]-1976), de Slumberlandband (1975) en The Rumbones (1977). Dekker vroeg aan Jan Hendriks of hij een drummer en een gitarist voor de nieuwe band wist. Hendriks stelde drummer Carel Copier voor en wilde zelf wel gitaar spelen.[2] Op 8 mei 1978 ontmoetten zij elkaar op de zolder van de boerderij van Gé van den Donk (later geluidsman van de band). Toen de band een naam probeerde te vinden in de songtitels in hun repertoire werd Copier zeer enthousiast over het idee om de titel Doe Maar als band-naam te kiezen, waar de andere leden mee akkoord gingen.[2]

Jansz krijgt de aanbieding om de Fools Band (ofwel Foels Bent) - de huis-band van het Festival of Fools - samen te stellen voor de editie van het theaterfestival in 1978.[2] Voor deze gelegenheid werd de band van eind mei tot en met juni 1978 aangevuld met de clowns Mart de Corte en Jan Bogaerts (later bekend geworden als fotograaf), zanger Wim van Oevelen (later toermanager van de groep) en zangeressen Anouk Strijbosch en Truus de Groot (later Nasmaak/Nasmak).

Najaar 1978 neemt de band een eerste demo op in de verbouwde varkensstal van de Boerderij te Neerkant.[3]

In april 1979 droeg Doe Maar het nummer Blozen bij aan de elpee Uitholling Overdwars, waarmee de Stichting Popmuziek Nederland twaalf Nederlandstalige bands introduceerde - waaronder ook Toontje Lager, Nasmaak, Ivy Green, Noodweer en Braak.

Doe Maar's technicus Peter Vincent werkte voor Telstar - het platenlabel van schlagerkoning Johnny Hoes - en wilde Doe Maar graag bij Telstar hebben. Mede door het eerdere succes van Normaal zag het label mogelijkheden en contracteerde de band.[2] Eind 1979 werden de eerste elpee Doe Maar en de eerste single Anita uitgebracht, maar er was weinig belangstelling voor. De tweede single Ik zou het willen doen werd gepromoot met een optreden in het televisieprogramma Op volle toeren en haalde in februari 1980 de tipparade, maar flopte ook.

Henny Vrienten
Na problemen in de samenwerking tussen Ernst Jansz en Piet Dekker, besloot de groep ermee op te houden. Om de laatste contractuele verplichtingen af te ronden, zocht de groep nog naar een basspeler. Jansz benaderde professioneel bassist, gitarist en componist Henny Vrienten, met wie hij al enkele malen had samengespeeld, onder andere in 1975 op het album 'Waar ik woon en wie ik ben' van Boudewijn de Groot en in 1976 in de begeleidingsband van De Groot tijdens een tournee. Daarna vormden Jansz en Vrienten (toen nog op gitaar) in 1977 de reggaeband The Rumbones met o.a. bassist Piet Dekker, drummer Johnny Lodewijks (ex-CCC Inc. en Slumberlandband, bekend als kunstschilder John Lodi) en Joost Belinfante (o.a. gitaar). Op het album 'Van een afstand' uit 1980 van Boudewijn de Groot speelden o.a. Vrienten, Jansz, Hendriks en Copier mee.

Aanvankelijk weigerde Vrienten mee te doen in Doe Maar, omdat dit niet een onderdeel van een geslaagde carrière leek. Later ging hij overstag, omdat Doe Maar een groep leek waar plezier een belangrijke rol speelde. Met hem en Jansz beschikte de band plotseling over twee liedschrijvers die elkaars werk op een positieve manier beïnvloedden. De band besloot de feestnummers uit het repertoire te halen en alleen nog maar ska en reggae te spelen. Vrienten leverde meteen drie nummers voor het nieuwe album, waar de groep op dat moment al mee bezig was.

Doorbraak
De platenmaatschappij was niet onder de indruk van de kwaliteitsinjectie en stelde het op de markt brengen van het album 'Skunk' uit tot na het decemberseizoen en tot na carnaval, omdat de maatschappij vond dat het aanbod van de groep niet zou blijven staan tussen het werk van gevestigde namen. De platenmaatschappij begon echter wel al met reclame te maken voor het album en promo's werden naar de radiozenders gestuurd. Vanwege een fout waren de radio-dj's niet op de hoogte van het feit dat de plaat nog niet te koop was. Ze speelden de single en het album werd uitgeroepen tot dag-LP.

Luisteraars raakten meteen gecharmeerd van het nummer, 32 jaar, hoewel men moeite had de oorspronkelijke titel, Sinds 1 dag of 2, te onthouden tot dj Frits Spits het liedje de huidige titel gaf.

De definitieve doorbraak volgde in 1982 met de single 'Doris Day' en het melancholieke reggae-album 'Doris Day En Andere Stukken'. Van dit album mixte Henny Vrienten een dubversie ('Doe De Dub Discodubversie') en 12" versies van 'Is Dit Alles' en 'Situatie'.

In mei 1982 ontving Doe Maar de Zilveren Harp, een aanmoedigingsprijs van Stichting Conamus. Ook deden Jansz, Hendriks, van Collem en Belinfante 10 optredens met Bram Vermeulen onder de naam 'De Gevestigde Orde'. Op 31 mei 1982 was Doe Maar de openingsact op Pinkpop. Op 8 oktober gaf de groep een televisieoptreden tijdens Veronica's Popnacht samen met Normaal, Golden Earring en Vitesse